Door Jos de Jong - NLMagazine/Lifestyle & Gezondheid - We vertrouwen erop dat medicijnen er zijn om ons beter te maken. Maar wie wat verder kijkt, ziet dat gezondheid allang niet meer het enige doel is. Achter elke pil zit een industrie waarin winst, patenten en marktaandeel minstens zo belangrijk zijn geworden. En die industrie is in beweging en ook sneller dan ooit.
Een golf van overnames waarvan niet iedereen weet heeft
De farmaceutische wereld is de afgelopen jaren veranderd in een schaakbord. Grote spelers kopen kleinere bedrijven op, niet uit liefdadigheid, maar uit noodzaak. Patenten op miljardenmedicijnen lopen af en dat betekent maar één ding: inkomsten verdwijnen. En dus wordt er ingegrepen.
Zo kondigde het Belgische UCB in 2026 aan dat het het Amerikaanse Candid Therapeutics overneemt voor 2,2 miljard dollar, met nog eens 200 miljoen aan mogelijke extra betalingen als bepaalde onderzoeksdoelen worden gehaald. En dat terwijl dat bedrijf nog geen enkel goedgekeurd medicijn op de markt heeft. Wat deze deal bijzonder maakt, is dat Candid Therapeutics nog geen groot commercieel succes is, maar vooral een veelbelovend biotechbedrijf in de klinische ontwikkelingsfase. En dus legde UCB 2,2 miljard dollar op tafel,
De inzet? Toegang tot experimentele behandelingen voor auto-immuunziekten. De echte waarde zit in een experimenteel medicijn genaamd ‘cizutamig’ een zogenoemde ‘bispecific antibody’, ofwel een slimme antistof die het immuunsysteem gericht kan aansturen om ontspoorde immuuncellen aan te vallen. Het middel richt zich op ziekten zoals lupus, multiple sclerose, reuma en andere ernstige auto-immuunziekten. Nog geen bewezen successen, maar wel potentiële winst.
Effectieve nieuwe generatie therapieën
Farmabedrijven zien voor dit experimentele medicijn een miljardenmarkt ontstaan. De gedachte is namelijk dat deze nieuwe generatie therapieën mogelijk veel effectiever wordt dan traditionele medicijnen die vaak jarenlang moeten worden gebruikt. Sommige onderzoekers spreken zelfs over een mogelijke ‘reset’ van het immuunsysteem. Dit laat eens te meer weer zien hoe de sector werkt; wie achterloopt, koopt zich naar voren.
Samenwerken… of markten verdelen?
Naast overnames zien we nu ook dat bedrijven die vroeger concurrenten waren, elkaar nu actief opzoeken. Het Britse GSK sloot bijvoorbeeld een deal van honderden miljoenen met het Chinese bedrijf Hengrui Pharma om samen nieuwe medicijnen te ontwikkelen met mogelijke totale opbrengsten die kunnen oplopen tot wel $12 miljard aan extra ‘mijlpaalbetalingen’ en royalty’s .
Wat deze deal tegelijkertijd interessant maakt, is dat het opnieuw laat zien hoe sterk Chinese farmaceutische bedrijven internationaal aan invloed winnen. Vroeger werden Chinese farmabedrijven vooral gezien als producenten van goedkope generieke medicijnen. Dat is in de loop der jaren behoorlijk veranderd. Nu kopen of ontwikkelen ze technologie waar grote Westerse concerns miljarden voor willen betalen.
Samenwerken, het klinkt allemaal leuk en aardig, maar is eigenlijk alleen maar samenwerken op papier. In de praktijk betekent het echter meestal dat kennis, patenten en markten steeds meer in dezelfde handen terechtkomen.
De stille verschuiving van macht
Wat hier gebeurt, is geen complot maar wel een duidelijke verschuiving.
Steeds minder bedrijven bepalen welke medicijnen op de markt komen, welke behandelingen prioriteit krijgen en wat patiënten uiteindelijk voorgeschreven krijgen. En dat gebeurt niet of nauwelijks alleen op basis van medische noodzaak, maar vooral op basis van rendement. Dat zie je ook terug in de deals zelf; immers, er worden miljarden betaald voor middelen die nog in een vroege testfase zitten. Niet omdat ze bewezen werken, maar omdat ze commercieel van groot belang kunnen worden cq zijn.
Wat betekent dat concreet?
Voor de gemiddelde patiënt blijft dit grotendeels onzichtbaar. Je krijgt een recept en vertrouwt erop dat dit de beste keuze is. Maar achter die keuze spelen ook andere afwegingen mee.
1. Is dit het meest effectieve middel of het meest winstgevende?
2. Zijn er alternatieven of zijn die nooit doorontwikkeld?
3. Wordt er gestuurd op genezing of op langdurig gebruik?
Dat zijn geen comfortabele vragen maar ze zijn wel steeds relevanter in een systeem waarin investeringen van miljarden moeten worden terugverdiend.
Simpele oplossingen verdwijnen uit beeld
Terwijl de industrie steeds groter en kapitaalkrachtiger wordt, krijgen eenvoudige vormen van gezondheid opvallend weinig aandacht. Voeding, leefstijl en preventie spelen een hele belangrijke rol, maar staan zelden centraal. Niet omdat ze niet werken maar omdat ze moeilijk te patenteren zijn.
Een simpele voeding zoals sardientjes bevat essentiële voedingsstoffen waar je lichaam direct iets aan heeft. Maar daar zit geen exclusief verdienmodel achter en dus ook geen miljardeninvestering.
Gezondheid binnen een systeem
De farmaceutische industrie levert ongetwijfeld haar bijdragen. Zonder medicijnen zouden vele mensen er wel eens slechter aan toe kunnen zijn. Maar vergeet niet dat het tegelijkertijd een systeem geworden waarin gezondheid en verdienmodellen steeds meer met elkaar verweven raken. En dat schuurt enorm, vooral voor de pharma-industrie...
Tot slot
De vraag is niet of je medicijnen moet vertrouwen. De werkelijke vraag luidt wié er aan de knoppen zit en waaróm. Zolang miljardenbelangen bepalen welke behandelingen worden ontwikkeld, is kritisch blijven bepaald geen wantrouwen, maar is simpelweg realisme.











