Column Fred van Assendelft
Typography

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 

Dat Nederlands een moeilijke taal is, staat voor mij vast. Als ik kijk naar de fouten die ik regelmatig tegenkom, denk ik wel eens, leren ze nog wel wat op school ? Het antwoord is: ja. En dan volgt er een maar: maar iedereen publiceert op allerlei (sociale) media, terwijl vroeger minder geletterden nergens teksten schreven. Het valt nu dus meer op.


Wat kom ik tegen ? Veel jou/jouw fouten. Correct is: Dit is jouw kopje (bezittelijk voornaamwoord) maar Een lekker bakkie voor jou, zonder W. (tweede persoon, geen onderwerp)

De meeste fouten worden gemaakt met werkwoorden die bij het voltooid deelwoord geen GE krijgen (of al GE hebben). Het werkwoord betalen is
er zo een (ik heb hem betaald).

 

Als zo’n werkwoord dan ook nog in een bijzin staat, waar de werkwoorden altijd wat achterin de zin staan, dan
lijkt de persoonsvorm echt op een voltooid deelwoord, zowel qua plaats als vorm. Betaalt moet in beide gevallen
natuurlijk met een T.

Dat Nederlands een lastige taal is, blijkt ook uit vertalingen die buitenlandse firma’s maken van hun
in de oorspronkelijke taal geschreven reclames. In het geval van Kaufland geef ik geen uitleg, de plaatjes spreken voor zichzelf.

Soms is het ook wel lachen als er fouten zijn gemaakt op reclameborden. Het verschil tussen berijden (ergens op rijden) en bereiden (eten klaarmaken) is voor sommige winkeliers niet echt duidelijk.

Er zijn er nog veel meer, we kunnen rustig concluderen: een moeilijke taal, dat Nederlands.


U heeft vast alle fouten in het titelplaatje gevonden:

  • Haarthout – de haard, dus haardhout

  • Voedpad – de voet, dus voetpad

  • U naderd – naderen, stam + t: u nadert
    voorangsweg – voorrangsweg, dubbel R

  • Wij zijn op zoek na jouw – zoeker naar, niet na
    jou is hier tweede persoon, geen onderwerp (jouw = bezittelijk voornaamwoord)

  • Oplaatpunt – van het werkwoord opladen, dus oplaadpunt

  • Ford Diemerdamplein – een Ford is een automerk, hier is het een fort

  • 10 stuk – het is 1 stuk en de meervoudsvorm hier is stuks, 10 stuks

  • Wat vindt je … - jij vindt, maar bij inversie (hier: de vraagvorm) is het werkwoord zonder T: vind jij. Kijk bijvoorbeeld naar: loop jij, fiets jij

  • Fröling’s – de apostrof hoeft hier niet: Frölings. Vergelijk: Jennings boek.
    stijgerverhuur – stijgen = omhooggaan, hier moet het steiger zijn.

Fred van Assendelft

 

Inmiddels gepensioneerd leraar Engels en Nederlands.
Om niet de hele dag achter de geraniums te hoeven doorbrengen geef ik nog steeds les: privélessen.
Nederlands voor anderstaligen.

Ook heb ik eindelijk de tijd om te schrijven wat ik leuk vind en dat doe ik in de columns van NL Magazine.
Ik hoop dat de lezers er net zoveel plezier in hebben als de schrijver, ik dus.