Door Jos de Jong - NLMagazine/Politiek & Maatschappij - Je vraagt je soms af op welk moment de politiek van koers is veranderd. Wanneer besloten werd dat vaardig formuleren belangrijker is dan echt iets wéten.
Dat we niet langer mensen verkiezen die begrijpen waar ze over praten, maar mensen die vooral geleerd hebben hoe ze iets moeten laten klinken alsof het ergens over gaat. Modern politiek talent, ofwel eloquentie zonder inhoud. Zinnen die netjes lopen, goed formuleren, welbespraaktheid, intelligent ogen en vooral zo vaag zijn dat een en ander morgen probleemloos opnieuw kunnen worden uitgelegd. Kennis is optioneel, inzicht overbodig. Dat laten we over aan mensen die echt ergens verstand van hebben, een categorie die in de politiek zelf opmerkelijk dun gezaaid is.
Het resultaat is beleid waar elke vakman lichte kakenkramp van krijgt. Documenten waarvan je je afvraagt hoe iemand ze durfde te ondertekenen zonder plaatsvervangende schaamte te voelen. Beleidsplannen die onmiskenbaar nooit langs iemand zijn gegaan die weet hoe het er in de praktijk daadwerkelijk aan toegaat. Want iedereen met ook maar een greintje ervaring zou na vijf minuten hebben gezegd: “Dit is onuitvoerbaar, dit is onzinnig’, dat kan ècht niet want dat gaat schade aanrichten”.
Maar dat soort inzichten is niet nodig in Den Haag. Begrijpen hoeft eigenlijk niet; doorzien al helemaal niet. Weten hoe een ondernemer zijn week doorkomt? Volstrekt irrelevant. Het enige vereiste is dat je op het juiste moment recht in de camera kijkt en een zin uitspreekt die zo elastisch is dat niemand hem echt kan vastpinnen. De rest wordt keurig gladgestreken door communicatieteams en spindokters. En zo ontstaat beleid dat op papier schittert, maar in de werkelijkheid vooral kosten, verwarring en ergernis produceert.
Daarbovenop komt de favoriete hobby van menig politiek bestuurder: het werkbezoek ofwel ‘de reis’. Comfortabele hotels, goed verzorgde diners, zalen vol gelijkgestemden en grootse verhalen over Europese ambities. Men keert huiswaarts vol inspiratie, maar zonder enig besef van wat er op Nederlandse bedrijfsvloeren gebeurt. Geen gevoel voor sectoren, geen begrip van lokale markten, geen idee van fiscale druk of de wurgende stapel regels waar ondernemers dagelijks doorheen moeten ploegen. Wel weer een fris pakket maatregelen, keurig ‘in Europese pas’.
Zo weten onze volksvertegenwoordigers inmiddels meer over congrescentra in Brussel dan over bedrijventerreinen in de provincie en meer over theoretische vergezichten dan over de dagelijkse realiteit waarin bedrijven moeten zien te overleven.
Het echte probleem is niet eens dat deze politici tekortschieten in kennis. Dat kan gebeuren. Het probleem is dat ze het zelf niet weten of ook maar enigszins lijken te merken. Ze zijn zo comfortabel geworden in hun eigen ecosysteem dat ze praten verwarren met begrijpen, presenteren met beheersen en communicatie met vakmanschap.
Maar een land laat zich niet regeren met mooie zinnen. Een economie draait niet op holle leuzen en frasen. En ondernemers kunnen geen toekomst bouwen op beleid dat is geschreven door mensen die het in de wereld die ze reguleren, nog geen werkweek zouden uithouden. Ze zouden met hun gekakel geen functie vinden in het bedrijfsleven en zouden, als ze dat wèl hadden, al snel richting uitgang worden gebonjourd.
Dáár wringt de politieke schoen…
Jos de Jong










